Blog

Chinchilla

CHINCHILLA

Land van herkomst: Zuid-Amerika


Korte geschiedenis van het ras:
De chinchilla behoort tot de cavia-achtigen en komt van oorsprong uit Zuid-Amerika. Hij staat al heel lang in de belangstelling. In de 16e eeuw werd hij al ontdekt door de Spanjaarden, die in die periode Zuid-Amerika veroverden. Aan het einde van de 18e eeuw werden chinchilla’s door Molina beschreven. Ter plaatse werd er af en toe jacht gemaakt zowel door inlanders als door de Spanjaarden. Het was hen vooral te doen om de pelsjes van de dieren die onvoorstelbaar zacht aanvoelden en niet te vergelijken waren met andere bontsoorten uit die tijd. Een paar honderd jaar daarna ontdekten ook de Europeanen de heerlijk zachte vacht en werden de pelzen een begeerd exportartikel voor de bontindustrie. De vraag werd op een gegeven moment zo groot dat de natuurlijke populatie in gevaar kwam. Uit angst dat het snel gedaan zou zijn met de chinchilla besloot men een aantal chinchilla’s te vangen en te proberen te gaan fokken. Omdat chinchilla’s speciale verzorgingseisen stellen moesten er in de beginfase veel hindernissen worden overwonnen maar al snel daarna werden nakomelingen van deze dieren zowel in Noord-Amerika als in Europa op grote schaal gefokt. Gelukkig is het tij voor de chinchilla en voor veel andere pelsdieren inmiddels gekeerd.
De meeste mensen in westerse landen begonnen een aversie te krijgen tegen het fokken van dieren voor hun bont. Onder grote druk van het publiek daalde de vraag naar bontmantels. Het roer ging om, de chinchilla werd steeds meer gefokt als huisdier. Ze hebben zich goed aangepast en kunnen tegenwoordig heel goed in de huiskamer gehouden worden.

Rasbeschrijving:
Kop: gemiddeld van grootte met amandelvormige ogen met een sprekende en vriendelijke en intelligente uitdrukking, opvallend lange snorharen van vaak tien tot wel vijftien cm.

Oren: relatief groot en ovaal

Lichaam: ca. 30 cm lang

Vacht: zijdezacht, extreem dicht ingeplant waardoor de haren van het lichaam af staan.

Kleur: zwart, bruin, beige, blauw, wit, chinchilla

Levensduur: rond vijftien jaar

Geslachtsonderscheid: het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes is te zien onder de staart. De afstand tussen de geslachtsopening en de anus is bij de vrouwtjes veel kleiner dan bij het mannetje.

Gedrag:
Chinchilla’s zijn uitgesproken schemerdieren. Overdag trekken ze zich meestal terug in hun slaapverblijf en tegen de avond worden ze pas actief. Sommige dieren laten zich ook wel overdag zien. Chinchilla’s zijn geen dieren voor kleine kinderen. Enerzijds omdat hun dag-nachtritme precies tegenovergesteld is anderzijds omdat het hanteren en verzorgen van een chinchilla geen kinderspel is. Chinchilla’s zijn lang niet zo eenvoudig te verzorgen als de cavia. Het zijn overwegend rustige en slimme dieren. Zijn ze eenmaal vertrouwd met hun verzorger dat laten ze zich goed in de hand nemen en aaien. Bijten doen ze zelden. Het zijn sociale dieren. Een solitair gehouden chinchilla voelt zich niet prettig en wordt lusteloos en sloom of ontwikkelt gedragsstoornissen.

Huisvesting:
Het verblijf van een paartje chinchilla’s moet vooral ruim genoeg zijn, ongeveer een meter hoog met een grondoppervlakte van minimaal 50 cm2. Een huiskamervoliere is heel geschikt.In een chinchilla verblijf moeten wat dikke takken aanwezig zijn waar de dieren op kunnen klimmen. Beukenhout, wilgenhout en takken van fruitbomen zijn zeer geschikt. Verder heeft een chinchilla behoefte aan een aantal zitplankjes. Een kastkastje of slaaphokje waarin de dieren zich overdag kunnen terugtrekken is niet noodzakelijk maar ze vinden het vaak wel prettig. Zet de kooi op een tochtvrije plaats en nooit in de volle zon. Chinchilla’s moeten zich minimaal een keer per dag in een zandbak kunnen wassen. Zo houden de dieren hun pels schoon.

Voedsel:
Chinchilla’’s hebben een gevoelig spijsverteringsstelsel dat is ingesteld op een vezelrijk en verder vrij karig menu. Een teveel aan vetten, eiwitten en andere voedingsstoffen leidt onherroepelijk tot diarree en in veel gevallen tot de dood. Groenten en fruit slechts heel weinig geven. Nooit zonnepitten, pinda’s en sla- en koolsoorten. Chinchilla’s hebben een heel ander voedingspatroon dan konijnen en cavia’s, dus dit voedsel is niet geschikt. Het is beter om een mengsel aan te schaffen dat speciaal voor chinchilla’s is ontwikkeld.

Verzorging:
Chinchilla’s houden zichzelf keurig schoon, ze hebben hiervoor dagelijks een zandbadje nodig. U kunt dit gewoon in het verblijf laten staan maar het is beter om dit dagelijks een uurtje in het verblijf te zetten in verband met hygiene. Bij het verzorgen van de chinchilla hoort ook de dagelijkse inspectie van de uitwerpselen. Ze produceren normaal gesproken vrij harde keutels. Zijn deze zacht of wijken ze qua vorm af, dan is dat een teken dat er iets fout is.

Lees meer

Uitgelicht